De PaardenPromovenda: Horses, Healthcare & Science (Rotterdam, 2019)


Vrijdag vertrok ik na een drukke werkdag met mijn paardige collega’s op de vredige Veluwe naar het roerige Rotterdam. Op mijn eerste congres in Amsterdam keek ik naar mijn collega’s op het podium en dacht ik nog: wat zou het gaaf zijn als ik dat ooit ook mag doen. Ooit kwam wel heel erg snel, toen ik gisteren samen met Rupert Isaacson onze onderzoeksplannen mocht presenteren.

Eenmaal aangekomen in Rotterdam, net op tijd na een hectische rit door de spits, ingecheckt bij het hotel. Mijn Ariats gepoetst, welke in stoffige toestand, geurend naar paard de werkdag hadden doorstaan. Hop, door naar de lobby om samen met de andere sprekers een restaurant in Rotterdam aan te doen. Bij het dessert schoven Nicole Kien en Cees de Vroomen van de organisatie aan. Een gezellige, informele sfeer overheerste de avond. In het hotel toch nog even een wijntje gedronken met Rupert en Nina, voordat ik mijn bed opzocht.

De hotelkamer

Een prachtige dag zou op mij wachten. Ontbijten deden we bij het hotel, wetenschappers en topsporters namen de ontbijtzaal in beslag. De rit door een nog slapend Rotterdam gaf een mooie kans om even in het hier-en-nu te komen. Cees en Nicole wachtten mij al op bij The Boathouse Kralingen, de congreslocatie met uitzicht op het terrein waar het EK werd verreden. In alle rust werd mij een headsetje aangemeten en werd de techniek rondom de presentatie doorgenomen.

Ons uitzicht van de dag op de nog stille ochtend

Langzaam druppelden de eerste gasten binnen en voor ik het wist zaten we met zijn alleen te luisteren naar de welkomstwoorden van Tom van ‘t Hek. Een kleine golf van gezonde spanning schoot door mij heen. Gelukkig had ik mij voorgenomen om over alle toespraken een korte samenvatting te schrijven. Daardoor kon ik mij goed op mijn collega’s concentreren en ebde de spanning snel weer weg.

Welkomst door Tom van ‘t Hek
Marie-José Enders-Slegers

In haar toespraak vertelde Marie-José over de professionalisering van het werkveld. Hierin stond de samenwerking tussen verschillende organisaties en tussen wetenschappers en beroepsbeoefenaren centraal. We kunnen niet los van elkaar werken, we hebben elkaar hard nodig om de volgende stappen in de ontwikkeling van ons vak te zetten. Marie-José deelde haar visie over de rol van het paard in activiteiten, coaching, onderwijs en therapie: het paard ondersteund de interventie, maar is niet de therapeut. Ten slotte benoemde ze dat, om ons vak verder te helpen, het nodig is om de unieke bijdrage van het paard te identificeren. Kennis over de unieke rol die het paard kan spelen in interventies, geeft ons handvatten om de inzet van het paard te verantwoorden naar instanties die de financiën verstrekken. Bovendien kunnen we de werkzame bestandsdelen zo beter afstemmen op de hulpvragen van onze cliënten.

Nina Ekholm Fry
Nina Ekholm Fry

Nina praatte ons bij over de inzet van paardondersteunde interventies voor veteranen met PTSS. Ze lichtte toe dat psychotherapie de meest effectieve interventie is bij trauma, meer effectief dan farmacotherapie (medicatie). Een probleem is echter, dat het voor veteranen hoogdrempelig is om een therapeut te zoeken en in therapie te blijven. Paardondersteunde interventies kunnen hierbij een rol spelen, omdat het kader veranderd: de veteraan gaat werken met een paard, hij gaat niet in therapie. Bovendien is de inhoud van paardondersteunde therapie anders, er is meer ruimte voor stilte, de veteraan krijgt de kans om ook te zorgen voor een ander, er is mogelijkheid tot fysiek contact, beweging en ervaring. Op de vraag of veteranen gemakkelijk toegang hebben tot paardondersteunde interventies in de Verenigde Staten, lichtte Nina toe dat veteranen gemakkelijk toegang kunnen krijgen tot psychologische zorg. Als de zorgverlener getraind is in paardondersteunde interventies, kan de veteraan hier even gemakkelijk toegang toe krijgen. Ze wil hiermee communiceren dat het denken over paardondersteunde interventies als een vak apart, losstaand van wat al bestaat in zorgland, omgebogen kan worden. We kunnen paardondersteunde interventies ook conceptualiseren als een interventie die passend is binnen de diverse al bestaande professies zoals maatschappelijk werk, pedagogische hulpverlening, psychologische hulpverlening, fysiotherapie, logopedie, ergotherapie, vaktherapie, coaching, etc. etc.

Martine Hausberger
Martine Hausberger

Martine ging in op de inzet van paardondersteunde therapie bij autisme. Ze benoemde dat kinderen met autisme gezichten van mensen anders bekijken. Kinderen met autisme kijken hierbij niet naar de ogen. Interessant genoeg generaliseert dit visuele scangedrag niet naar dierengezichten. Bij het bekijken van dierengezichten is het visuele scangedrag van kinderen met autisme vergelijkbaar met typisch ontwikkelende kinderen. Interessant, want hierdoor kan het kind wellicht sociale interacties leren in contact met het dier. We moeten nog wel uitzoeken of de ontwikkelingen die een kind doormaakt in contact met een dier, kan generaliseren naar interactie met andere mensen. In het onderzoek naar paardondersteunde interventies voor kinderen met autisme herkent Martine de trend die in ons werkveld als geheel doorwerkt: er is een grote variatie aan professionals en methoden. Daarom hoeven we niet meer bij het begin te beginnen in onderzoek: “best practices already exist and need to be promoted.” Aan ons onderzoek de taak om deze best practices te identificeren.

Rupert Isaacson

Rupert vertelde ons over zijn werk en de ontwikkeling van zijn methode. Rupert vertelde dat hij vermoedt dat zowel de natuurrijke omgeving, als de interactie met het paard, als de beweging op de rug van het paard, gezamenlijk voor de geobserveerde effecten zorgen. Hij benadrukte dat de verschillende benaderingen in het werkveld allemaal even waardevol zijn. Hij lichtte toe dat juist samenwerking binnen het werkveld en samenwerking met wetenschappers nodig is om te ontwikkelen naar best practice.

Gezamelijk vragen beantwoorden over ons onderzoek
Eerste keren

Toen was het mijn beurt om te vertellen over hoe we samenwerken met Rupert en zijn team om onderzoek te doen naar de verschillende factoren van paardondersteunde interventies. Eerste keren zie ik als leuke uitdagingen en memorabele momenten, dus je kan er het beste zoveel mogelijk van genieten. Toen ik eenmaal op het podium stapte, sloeg de spanning wel weer even toe. Ik had wat tijd nodig om mijn draai te vinden. Eenmaal de juiste cadans gevonden, nam het plezier de overhand. Ik heb genoten! Het thema van de dag: gezamenlijk en in samenwerking met elkaar brengen we ons werkveld verder, stond ook in mijn toespraak centraal. Als we met elkaar kunnen verenigen en als één front ons prachtige werk kunnen onderzoeken en presenteren, kunnen we grote stappen zetten. Onze onderzoeksopzet, waarbij we de invloed van de verschillende factoren kunnen gaan uitpluizen: beweging op het paard, contact met het paard en aanwezigheid in een natuurrijke omgeving, heb ik toegelicht. Zoals Marie-José al had toegelicht, is dit één van de belangrijke vervolgstappen in het onderzoeksveld. Meer over ons onderzoek kun je lezen in onze call to action.

Roswitha Zink

Roswitha vertelde ons aan de hand van een praktijkvoorbeeld hoeveel waarde de inzet van paarden in palliatieve zorg en bij hersenletsel heeft. In haar zorgsysteem geldt de spelregel dat eerst alle conventionele therapiemogelijkheden moeten zijn geprobeerd, voordat paardondersteunde interventies overwogen worden. Ze laat zien hoeveel meerwaarde het heeft voor ernstig zieke kinderen om om te gaan met het paard: ze kunnen net wat langer volhouden en genieten een veel grotere kwaliteit van leven.

Roswitha Zink
Machteld van Dierendonck

Machteld nam ons mee in haar redenering over paardondersteunde interventies vanuit de kant van het paardenwelzijn. Ze gaf aan dat welzijn de toestand van het dier is, zoals het door het dier ervaren wordt. Hierbij gaat het niet alleen om het voorkomen van welzijnsverlagende omstandigheden, maar ook om het promoten van welzijnsbevorderende omstandigheden. Om dat te kunnen doen moeten we begrijpen dat paarden gebonden zijn aan sociaal contact, altijd als eerste instinct hebben om te vluchten, gebruik maken van subtiele communicatieve signalen en een grote behoefte hebben aan beweging (>16 uur per dag). Paarden hebben een grote behoefte aan voorspelbaarheid en controleerbaarheid. Wanneer dit onvoldoende aanwezig is leidt dit tot (chronische) stress. Paarden zijn met name zeer kwetsbaar voor gebrek aan voorspelbaarheid. Aan de hand van een filmpje waarbij zowel gedrag als hartslag wordt getoond, laat Machteld zien dat het gedrag van het dier alleen niet een voldoende betrouwbare indicator is om het stressniveau te peilen. Vanuit deze kennis benadrukt Machteld dat paardondersteunde professionals een aantal valkuilen te navigeren hebben, namelijk de overschatting van de (sociale) cognitie van het paard, overschatting van de eigen kennis van het paard en antropomorfisme (het toeschrijven van menselijke eigenschappen, behoeften en motieven aan het paard). Bovendien kan de menselijke neiging tot het interpreteren van paardengedrag op basis van verwachtingen en voorgaande kennis ertoe kan leiden dat situaties verkeerd worden geïnterpreteerd. Machteld benadrukte dat er meer onderwijs gevolgd moet worden door professional die met paarden in de zorg werken, ze adviseert minstens één jaar opleiding gericht op het paard.

Irene Sanguin
Irene Sanguin

Irene nam ons mee in haar succesverhaal om dierondersteunde interventies te integreren in het Italiaanse nationale zorgsysteem. Ze vertelde hoe haar vakgroep heeft bijgedragen aan een richtlijn dierenwelzijn in 2003 en hoe ze in 2015 richtlijnen hebben ontwikkeld voor dierondersteunde interventies waarin kwaliteitstandaarden centraal staan. Deze richtlijnen zijn een dynamische geheel, onderhevig aan constante dialoog tussen alle betrokken partijen. Hierbij wordt er een balans gezocht tussen beïnvloeding door de dagelijkse praktijk en regulatie vanuit overkoepelende instanties. De duidelijke terminologieën en het erkennen van professionals binnen deze scherpe definiëring, hebben eraan bijgedragen dat dierondersteunde interventies geïntegreerd kunnen worden binnen het zorgsysteem. Een certificering garandeert namelijk dat een professional gekwalificeerd is voor de diensten die hij of zij verleent. Irene licht toe dat de standaard waarin gewerkt wordt een vierkantsmodel is, waarbij een professional voor het dier en een professional voor de mens samen met het dier een interventie aan een cliënt/patiënt verlenen. Door de inbedding van dierondersteunde interventies in het reguliere zorgsysteem, is het mogelijk om de noodzaak van onderzoeksprojecten bij overheidsinstanties te benadrukken.

Tot slot

Zo’n congresdag is intensief, leerzaam maar ook een geweldige ervaring. Na afloop is er tijd om te borrelen en elkaar beter te leren kennen. Ik heb zoveel mooie mensen mogen spreken die allemaal vanuit hun eigen sterke punten bijdragen aan de verdere professionalisering van ons veld. Ik heb veel nuttige tips ontvangen, zowel over mogelijkheden in onderzoek als over mogelijkheden om het te financieren. Super dat er zo actief meegedacht wordt. Elkaar helpen vanuit eigen expertise, daar gaat het om!